RI&E veiligheidsinventarisatie is een soort zelfonderzoek

rie_blog_2

Veiligheid in en rond de molen. Het is nog altijd een gevoelig en moeilijk thema in molenland. Maar gelukkig toenemend ook een  thema waarvan molenkringen steeds vaker onderkennen dat men er de ogen niet langer nog voor mag sluiten.  Molenstichting Weerterland heeft vorig jaar de koe bij de horen gepakt en is gestart met de introductie van de RI en E, de Risico Inventarisatie en Evaluatie zoals die door Vereniging De Hollandsche Molen wordt gehanteerd en geadviseerd.

“We zijn reuze blij dat we deze stap gezet hebben”, zegt voorzitter Van den Berg van de Weerter molenstichting een jaar later.  “Vooral de inventarisatie van de veiligheidsrisico’s per molen heeft de ogen bij ons toch extra geopend. Want je wordt, als je altijd met je molen bezig bent, soms toch ook wat bedrijfsblind. Door nu eens heel kritisch op deze manier naar de veiligheid op je molens te kijken, ontdek je zaken waarvan je nu verzucht: Gelukkig dat er nooit iets is gebeurd. Maar dat is dan, ontdek je nu, vooral een kwestie van meer geluk dan wijsheid geweest. Je kunt het RI en E dus als een soort zelfonderzoek zien. Heel nuttig om dat te doen.”

Binnen de Weerter molenstichting werd eind 2013 een projectgroep samengesteld die de veiligheid op de vier gemeentelijke molens moest inventariseren. In de projectgroep zaten twee vrijwillige molenaars die, door hun dagelijkse werkkring als brandweercommandant en als inspecteur van de Monumentenwacht,extra affiniteit met veiligheid hebben. Verder maakten een veiligheidsexpert uit het bedrijfsleven en een molenbouwer deel van de vaste werkgroep uit. Per molen waren ook de vrijwillige molenaars nauw bij de inventarisatie betrokken. “Vooral het krijgen van draagvlak voor een actief veiligheidsbeleid vonden we als projectgroep cruciaal. Daarbij zijn de molenaars, als kapiteins op het schip, onmisbaar. Molenaars zijn dus in het totale RI en E proces de koningsspil waar alles om draait”, zegt  Paul Horstman die de werkzaamheden van de projectgroep coördineerde.

Vastleggen in volledig scherm 31-3-2015 121051.bmpDe groep ging voortvarend aan de slag.  Al vlug sloten ook twee particuliere moleneigenaren bij het proces aan en vroegen om ook hun molen aan de RI en E inventarisatie te onderwerpen. Daarbij werd de RI en E map van De Hollandsche Molen als leidraad gebruikt. Samen met de molenaars werden op deze zes molens de alledaagse praktijk van het draaien en malen met die molens en het rondleiden van bezoekers op die molens onder het vergrootglas gelegd.

Uiteindelijk resulteerde de fase van inventariseren voor de vier gemeentelijke molens in een lijst van 49 potentiële of reële veiligheidsrisico. Risico’s variërend van het ontbreken van een hekwerk rond een trapgat tot het niet kunnen blokkeren van de vang of het luitouw.  De projectgroep verbond vervolgens aan ieder geconstateerd risico een categorie: laag, midden of hoog. Ook gaf de projectgroep aan welke maatregelen noodzakelijk zijn om deze risico’s weg te nemen. Ieder risico en de voorgestelde maatregelen ter verbetering van de veiligheid werden vervolgens met de molenaars en in het bestuur van de molenstichting geanalyseerd en besproken.

riee

Voor de projectgroep en voor het bestuur van de molenstichting was uitgangspunt dat organisatorische maatregelen altijd de voorkeur verdienden. “Als de uitkomst van een veiligheidsbeleid is dat je je molen ongeveer van de invaart tot boven in de kap moet gaan aanpassen en verbouwen om iedere kans op een ongeluk weg te nemen, waardoor je het monumentale karakter en het karakter van de molen als werktuig geweld aan doet, schiet je ook aan je doel voorbij”, vindt Horstman. Ook het bestuur van Molenstichting Weerterland onderschreef die opvatting.

De aanpassingen aan de molen werden ook met de eigenaar van de molens, de gemeente Weert, besproken.  “Wat we onmiddellijk als molenstichting organisatorisch kunnen aanpakken door meer specifieke werkafspraken met de molenaars en de molengidsen te maken, doen we direct. Ook kleinere aanpassingen en voorzieningen die weinig geld kosten, zoals een extra lat aanbrengen op een luik of een losstaande schuifladder met een haak borgen, voeren onze klussers direct uit. Voor enkele grotere aanpassingen hebben we echter eerst toestemming van de gemeente Weert of zelfs van de RCE (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) en geld van de gemeente nodig. Dan moet je denken aan aanpassingen zoals het aanbrengen van schuifluiken in de opening van het trappengat in de kap van de molens of het afzetten van de openingen in de vloeren”, aldus Van den Berg.  “En we gaan bekijken of we het camerasysteem in onze molens kunnen optimaliseren. Want boven de steenzolders laten we in principe voortaan geen bezoekers meer toe. Simpelweg omdat het risico van een ongeluk met alle bewegende delen of op de steile smalle trappen te groot is. “

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s